Subsidieregeling Duurzame Energietransitie (SDE++)

Ondersteuningsinstrument CO2-reductie in de industrie

Volgens het Klimaatakkoord (2019) moet de industrie 49 procent CO2-emissiereductie realiseren in 2030 t.o.v. 1990. De regeling Stimulering Duurzame Energietransitie (SDE++) is een instrument dat vanaf 2020 een belangrijke ondersteuning moet bieden aan die opgave. De SDE++ moet een meerjarige zekerheid voor investeerders bieden en gaat uit van techniekneutraliteit door subsidie toekenning op basis van een tender (€/ton CO2). Doordat er één budget is en er geen schotten staan tussen de technologieën, wordt gezorgd voor een kosteneffectieve inzet van subsidiemiddelen: realisatie van de meeste tonnen CO2-reductie voor het beschikbare budget.

Categorieën

De SDE++ is een verbreding van de bestaande SDE+ regeling. Die SDE+ kent subsidie toe aan projecten voor hernieuwbare energieproductie: zon-PV, wind, biomassa, water, en energie uit afvalwater (TEA) of oppervlaktewater (TEO). De SDE++ voegt daar 5 categorieën aan toe voor technologie die zijn gericht op CO2-emissiereductie in de industrie. Voor het jaar 2020 zijn die 5 categorieën:
  • de elektrische boiler,
  • de elektrische warmtepomp, 
  • CO2-afvang, transport en opslag (CCS),
  • de uitkoppeling van industriële restwarmte (warmtenetten),
  • groene waterstofproductie.
Per jaar wordt bekeken of deze categorieën aangepast moeten worden en eventueel nieuwe technologieën moeten worden toegevoegd.

Tender

De regeling is een exploitatiesubsidie en subsidieert de onrendabele top van vastgestelde technologieën. Voor de tendering vindt er een rangschikking plaats op subsidiebehoefte per ton CO2-reductie (€/ton CO2), op basis van projectfinanciering. Voor de looptijd van de subsidie worden in principe dezelfde periodes als in de SDE+ gehanteerd: 12 of 15 jaar. De SDE++ bouwt voort op de SDE+ regeling die in 2011 is geïntroduceerd. De subsidiebehoefte wordt bepaald aan de hand van  het verschil tussen de kostprijs en de marktprijs: de onrendabele top. De bedragen worden per technologie jaarlijks vastgesteld door het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL). De ingediende subsidie-aanvragen  worden in een tender gerangschikt op het benodigde subsidiebedrag per ton vermeden CO2. Door de aanvragen met de laagste kosten per ton te honoreren worden de beschikbare middelen zo doelmatig mogelijk ingezet.

Uitvoering en status

De uitvoering van de SDE++ is in handen van de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO). De eerste tender voor de SDE++ wordt naar verwachting in de najaarsronde van 2020 opengesteld.