Terug naar nieuws

ACM: politiek aan zet om stijging gastransporttarieven te beteugelen

Inschatting dat kosten gastransport 4 tot 8 keer over de kop gaat

Gassen Prijzen en tarieven28 augustus 2026Paul Villalobos Valdivia

De gastransportkosten stijgen sterk en zullen tot 2050 verder oplopen. Maatregelen zijn nodig om de gevolgen voor gasverbruikers te beperken en de toegang tot de netten betaalbaar te houden. Dat blijkt uit een onderzoek dat toezichthouder ACM heeft gepubliceerd.

Uitdaging

Naar verwachting zal het Nederlandse gasverbruik de komende decennia verder dalen, waardoor ook de benutting van de gasinfrastructuur (‘utilisatiegraad’) afneemt. De netkosten dalen echter niet evenredig mee. Daarmee verliezen de Nederlandse gasverbruikers schaalvoordelen waar zij voorheen gebruik van konden maken, waardoor de kosten per getransporteerde eenheid energie stijgen voor de partijen die (nog) geen alternatief hebben voor het gebruik van gas voor hun energie- en grondstoffenbehoefte. Daarnaast zullen er forse verwijderingskosten gemaakt worden voor de transportinfrastructuur en de vele aansluitingen op het gasnet. Kosten die ook de tarieven verhogen.

Transporttarieven

De ACM heeft op basis van een eigen onderzoek een projectie van de ontwikkeling tot 2050 gepubliceerd. De ACM verwacht dat de transporttarieven tot 2050 met een factor 4 tot 8 zullen stijgen, afhankelijk van scenario en gebruikersgroep. De projectie is gebaseerd op twee scenario’s uit de tweede versie van de Integrale Infrastructuurverkenning 2030-2050, opgesteld door Netbeheer Nederland. De ACM neemt het gemiddelde van deze twee scenario’s (een ‘middenpad’). Belangrijkste verschil tussen beide scenario’s is de productie en het transport van groen gas.

Bij een zwaar industrieel bedrijf met een gecontracteerde capaciteit van 250.000 kWh/uur/jaar verachtvoudigen de jaarlijkse kosten tussen 2025 en 2050, van €0,7 miljoen in 2025 naar €5,6 miljoen in 2050 (koopkracht van 2025).

Maatregelen

De ACM heeft beperkte mogelijkheden om de transporttarieven binnen de reguleringssystematiek te beheersen en zo de gasvoorziening betaalbaar te houden. De toezichthouder wijst daarom op maatregelen buiten die systematiek, waarvoor de Tweede Kamer aan zet is. Centraal staat de vraag wie de kosten betaalt. De ACM stelt de
politiek en de beleidsmaker voor om de kosten van de netbeheerder op een andere manier te verdelen.

Ten eerste stelt de ACM een andere verdeling van de verwijderingskosten voor. Dit kan door gebruikers die van het gas afgaan te verplichten een verwijderingsbijdrage te betalen (een maatregel die de ACM zelf kan nemen). Voor aangeslotenen op het transmissiesysteem heeft deze maatregel beperkt effect. Een alternatief is het financieren van de verwijderingskosten uit algemene middelen.

Ten tweede stelt de ACM voor om netbeheerkosten anders over de tijd te verdelen. Dit gebeurt al via een correctiefactor van 1,3, waarmee de activa van landelijk netbeheerder GTS versneld worden afgeschreven en huidige gebruikers meer betalen. Deze correctiefactor is gehandhaafd in het Methodebesluit GTS 2027-2031. De ACM vraagt zich terecht af of het redelijk is om kosten nu naar voren te halen. Aangeslotenen op gasnetten hebben namelijk beperkt handelingsperspectief om over te stappen op elektriciteit door netcongestie. Tegelijkertijd zullen veel industriële gasverbruikers nog lange tijd moleculen nodig hebben.

Ten derde kunnen verwijderingskosten worden beperkt door netdelen die nauwelijks veiligheidsrisico’s veroorzaken niet langer standaard te verwijderen.

Keuzes maken

VEMW vraagt al geruime tijd aandacht voor de uitdagingen die samenhangen met de ontmanteling van het aardgassysteem. De transporttarieven voor aardgas vormen nu nog een relatief beperkt deel van de energierekening van bedrijven, maar dreigen – net als bij elektriciteit – sterk op te lopen, zo bevestigt ook de ACM met haar inschatting. VEMW vindt dat financiering uit algemene middelen nadrukkelijk moet worden overwogen. De Nederlandse samenleving en economie hebben jarenlang geprofiteerd van de rol als Europese gasrotonde, als producent en doorvoerland. Nu dit voordeel wegvalt, blijven de kosten van de infrastructuur achter. Het is niet meer dan logisch dat deze kosten, waarvan de baten door de samenleving als geheel zijn genoten, ook breed worden gedragen. De politiek en beleidsmaker zijn aan zet om dit mogelijk te maken en de voorziening betaalbaar te houden voor de afnemende groep gebruikers die vooralsnog geen alternatief hebben om over te stappen op alternatieven.

Het rapport is te vinden in onze Kennisbank.