CO2-heffing

Nationale CO2-heffing voor industrie

Nederland is het enige Europese land dat een nationale CO2-heffing invoert voor industriële uitstoters. De heffing is een instrument om de reductiedoelstelling voor de industrie uit het Klimaatakkoord te borgen en een prikkel om in CO2-reductie te investeren. Dit heeft gevolgen voor de prijs die u betaalt over uw CO2-uitstoot.

Waar gaat het over?

Per 1 januari 2021 betaalt de Nederlandse industrie een nationale CO2-heffing over de directe uitstoot. De heffing is onderdeel van het Klimaatakkoord (2019), waarin is afgesproken dat de industrie 14,3 Mton bovenop bestaande afspraken moet reduceren voor 2030. De heffing moet dus alleen worden betaald over de uitstoot die gereduceerd moet worden in het kader van de doelstelling (14,3 Mton). Daarom wordt een deel van de CO2-uitstoot vrijgesteld van de heffing. De vrijgestelde uitstoot zal jaarlijks afnemen terwijl het tarief (prijs/ton CO2 )zal stijgen.

Wat betekent dit voor u?

De heffing moet worden betaald door industriële installaties die onder het EU ETS (Europees emissiehandel systeem) vallen, plus afvalverwerkingsinstallaties en lachgasinstallaties. De nationale heffing komt bovenop de ETS-handelsprijs, de CO2-prijs die industriële uitstoters al moeten betalen onder het Europese emissiehandel systeem (ETS). Voor ETS-deelnemers wordt het tarief van de heffing dus verminderd met de prijs van een ETS-emissierecht. De prijs van de heffing begint in 2021 op € 30/ton CO2. Daarna loopt het tarief jaarlijs op met € 10,56 /ton CO2. In 2030 wordt een prijs van € 125 verwacht.

Dispensatierechten
Dispensatierechten zijn rechten die bedrijven kunnen ontvangen over uitstoot die is vrijgesteld van de heffing. De dispensatierechten worden jaarlijks berekend en uiterlijk 30 april van elk jaar op de rekening van de installaties gestort. Het aandeel dispensatierechten per installatie wordt gebaseerd op de EU ETS benchmark. Benchmarks weergeven de CO2-efficiëntie van installaties. Als bedrijven efficiënter produceren dan de Europese benchmark, dan ontvangen zij dispensatierechten voor hun volledige uitstoot. Dit betekent dat Nederlandse bedrijven beter moeten presteren dan de 10% meest efficiënte installaties in Europa om de heffing te vermijden. Installaties kunnen hun dispensatierechten onderling overdragen, maar er bestaat geen openbaar handelssysteem voor.

Wat is de status van dit onderwerp?

Het kabinet kondigde de heffing vlak voor de publicatie van het Klimaatakkoord in juni 2019 aan. De regering heeft besloten om een voorzichtige start met de heffing in 2021 en 2022 te maken, vanwege de coronacrisis en de economische gevolgen ervan. Dit betekent dat er meer dispensatierechten beschikbaar worden gesteld, zodat bedrijven nog geen heffingsprijs hoeven te betalen. Na de eerste jaren zal de lastenverzwaring naar verwachting flink toenemen om het uiteindelijke doel te halen (14,3 Mton reductie in 2030). Omdat veel Nederlandse industriële bedrijven internationaal opereren, kan de nationale heffing uw concurrentiepositie aantasten. Dit bleek onder andere uit een analyse die PWC (zie downloads) naar buiten bracht. De Nederlandse Emissieautoriteit (NEa) is verantwoordelijk voor uitvoering, inning en naleving omtrent de heffing.

Rekenmodel CO2 heffing
De NEa heeft op haar website een rekenmodel beschikbaar gemaakt dat inzicht geeft in de systematiek van de CO2-heffing. U kunt hiermee de financiële gevolgen van verschillende scenario’s toetsen door bedrijfsspecifieke gegevens en verwachtingen in het model in te voeren. Vervolgens kunt u doorrekeningen bekijken. Het rekenmodel kunt u aan de rechterzijde downloaden.