Nederland heeft per 1 januari 2026 nog 65,3 mrd m3 gasvoorraad, waarvan in 2025 8,1 mrd m3 is geproduceerd. Dat komt overeen met zo’n 27% van het Nederlandse gasverbruik. Dat blijkt uit het jaarverslag 2025 “Delfstoffen en aardwarmte in Nederland - Een overzicht van opsporings- en winningsactiviteiten en ondergrondse opslag” van onderzoeksinstelling TNO.
Gasproductie en -voorraad
De raming van de totale aangetoonde aardgasvoorraad in Nederland bedraagt per 1 januari 2026 65,3 miljard Nm3 (bcm). Hiervan bevindt zich 27,7 bcm aan reserves en voorwaardelijke voorraden in de Kleine Velden op land en 37,7 bcm aan reserves en voorwaardelijke voorraden in de Kleine Velden op zee. Ten opzichte van 1 januari 2025 is de aardgasvoorraad afgenomen met 5,6 bcm ten gevolge van de gasproductie (-8,1 bcm), herevaluatie en vondsten van enkele velden (+2,5 bcm).
Van de aardgasproductie in 2025 (8.1 bcm) hebben de kleine gasvelden op land 2,2 bcm bijgedragen en de gasvelden op zee 5,9 bcm. De totale gasproductie in 2025 is daarmee 12,4% lager dan in 2024.
Gasvoorziening
De bijdrage van de Kleine Velden aan de gasvoorziening in ons land is belangrijker geworden door de sluiting van het grote Groninger gasveld én de geopolitieke situatie die het belang van onze nationale weerbaarheid vergroot. De eigen Nederlandse gasproductie is nu nog zo’n 27 procent van ons jaarlijkse gasverbruik (ca. 30 bcm). Die bijdrage zal door de teruglopende voorraad gestaag dalen tot nul over een jaar of 10, wanneer niet ook nieuwe voorraden ontdekt en gewonnen worden. De productiesector én de overheid erkennen het belang en de trend. Zo heeft minister Van Veldhoven het over een gecontroleerde afbouw van fossiele brandstoffen. Reden voor de overheid om een akkoord met de sector te sluiten. Minister Van Veldhoven (EZK) heeft toegezegd een voortgangsrapportage over het akkoord naar het parlement te sturen.