Ondanks een iets drogere winter begint Nederland met een relatief ‘normale start’ aan het zogeheten droogteseizoen. Er is voldoende zoet oppervlaktewater beschikbaar in Nederland om aan de watervraag te voldoen. Dit stelt de Landelijke Coördinatiecommissie Waterverdeling in de eerste Droogtemonitor. De eerste droogtemonitor van het seizoen - dit startbericht – verschijnt ongeacht de actuele droogtesituatie elk jaar rond 1 april en beschrijft de uitgangssituatie voor het droogteseizoen.
Grondwaterstanden laag
De grondwaterstanden zijn gemiddeld tot zeer laag voor de tijd van het jaar. In het oosten (Twente, Achterhoek), midden (rond Veluwe en Gelderse Vallei) en zuiden (Brabant, Limburg, Zeeland, Zuid Holland) van het land zijn de grondwaterstanden laag tot zeer laag voor de start van het groeiseizoen. Hoewel de herfst nat was (met name oktober), was de winter (met name december) weer relatief droog waardoor de grondwaterstanden niet goed zijn hersteld na de droogte van 2025. Door de neerslag in januari en februari is afgelopen maand wel een lichte verbetering zichtbaar. In het westen en noorden van het land zijn de grondwaterstanden alweer deels hersteld van de 2025 droogte en zijn de grondwaterstanden gemiddeld tot laag voor de tijd van het jaar.
Voldoende zoet water
De watervoorraden in Zwitserland zijn lager dan gebruikelijk: de (stuw)meren staan laag en er ligt minder sneeuw dan gemiddeld in de Alpen. De afvoer van de Rijn en de Maas ligt de komende maand naar verwachting onder het langjarige gemiddelde voor deze tijd van het jaar. Vanwege de lage watervoorraden zal de Rijnafvoer sneller dalen in een lange periode van droogte. De zoetwatervraag gaat de komende periode toenemen vanwege de start van het groeiseizoen. Ondanks de iets drogere start is de verwachting dat voldoende zoet water beschikbaar blijft in de komende periode en dat er nog geen landelijke maatregelen nodig zullen zijn om aan de watervraag te voldoen.