VEMW dringt in een brief aan de formerende partijen aan op actieve ondersteuning van de ontwikkeling van de CCS-markt. Door verschillende belemmeringen stagneert de opschaling van de Nederlandse CCS-markt. Dit brengt zowel de industriële transitie als het behalen van de klimaatdoelen in gevaar. VEMW doet daarom drie concrete voorstellen om deze knelpunten weg te nemen: betaalbare CCS-tarieven, een SDE++-subsidie die aansluit bij de werkelijke CCS-kosten en het beheersbaar maken van risico’s in de CCS-waardeketen.
Situatie
CCS is een instrument dat de industrie op korte termijn kan ondersteunen bij het realiseren van aanzienlijke emissiereducties, met name in sectoren waar alternatieve verduurzamingsopties beperkt of niet beschikbaar zijn. Daarnaast heeft Nederland een unieke geografische ligging die de daadwerkelijke implementatie van CCS mogelijk maakt.
De opstart van de CCS-markt wordt echter geconfronteerd met meerdere uitdagingen die de verdere ontwikkeling beperken. Deze hangen samen met het monopolistische karakter van het systeem, waarbij bedrijven als afnemers nauwelijks keuze hebben tussen aanbieders van CCS-diensten. Dit kan leiden tot niet-concurrerende tarieven. Bovendien zijn de tarieven van het CCS-project Aramis gestegen ten opzichte van de oorspronkelijke ramingen en kunnen deze verder toenemen zodra meer duidelijkheid ontstaat over de aanbestedingsprocedures.
Daarnaast bestaat er een kloof tussen de mogelijke CCS-tarieven en de vaste SDE++-subsidie. Deze kloof wordt veroorzaakt door onzekerheid over de startvolumes, die van invloed zijn op de tariefstelling, en door vertragingen in projecten die de kosten verhogen. Tot slot zijn de risico’s in de CCS-waardeketen nog onvoldoende beheerst. Dit hangt samen met de grootschaligheid van CCS-ontwikkeling en het risico op onderbrekingen of vertragingen in CCS-diensten. Voor gebruikers kan dit leiden tot dubbele kosten: zij moeten blijven voldoen aan hun verplichtingen onder het EU ETS, terwijl zij tegelijkertijd betalen voor CCS-diensten zonder SDE++-subsidie te ontvangen, aangezien deze pas wordt uitgekeerd nadat CO₂ daadwerkelijk is opgeslagen. Deze onzekerheden belemmeren bedrijven om definitieve investeringsbeslissingen voor CCS te nemen.
Actie
Om deze knelpunten weg te nemen stelt VEMW voor om:
- De betaalbaarheid van CCS-tarieven te borgen als basis voor een positieve businesscase voor de industrie, door middelen beschikbaar te stellen om het volloprisico voor de infrastructuur af te dekken en zo zekerheid te kunnen bieden aan emittenten over reële tarieven.
- Te waarborgen dat de SDE++-subsidie aansluit bij de werkelijke CCS-kosten, bijvoorbeeld door actualisatie van het subsidiebedrag zodra de daadwerkelijke CCS-tarieven bekend zijn, of door toepassing van een tussentijdse herijking. Concreet kan het subsidiebedrag worden vastgezet voor de eerste vijf jaar, met een herijking in het vierde jaar voor de resterende subsidieperiode.
- De risico’s in de CCS-waardeketen beheersbaar te maken, waarbij elke partij in de keten zijn eigen aansprakelijkheden draagt en wordt voorkomen dat deze risico’s eenzijdig bij de CCS-gebruiker worden neergelegd.
Kansen
Hans Grünfeld, algemeen directeur van VEMW: “CCS is een uniek instrument dat bedrijven in staat stelt om significante CO₂-emissiereducties te realiseren en zo de industriële transitie en klimaatdoelen mogelijk maakt. De overheid moet garanderen dat de randvoorwaarden voor een goed functionerende CCS-markt aanwezig zijn, zodat bedrijven zich aan deze vorm van verduurzaming kunnen committeren. Daarnaast is het wenselijk dat Nederland zijn volledige potentieel benut. Dankzij de geografische ligging is CCS hier daadwerkelijk uitvoerbaar. Dit is een groot voordeel dat niet onbenut mag blijven.”
De brief is te vinden in onze Kennisbank.