North Sea Port heeft een Memorandum of Understanding (MoU) ondertekend met LBC Tank Terminals (LBC) en Associated British Ports (ABP) voor de ontwikkeling van een CCS-corridor tussen Nederland en het Verenigd Koninkrijk. De samenwerking richt zich op de aanleg van een terminal voor tijdelijke opslag van CO₂, het transport per schip en de uiteindelijke permanente opslag van CO₂ in het VK, bij de haven van Immingham. Daar wordt momenteel het Viking CCS-cluster ontwikkeld.
CCS-waardeketen
Deze corridor heeft als doel de industrie in Noordwest-Europa te verbinden met een oplossing voor emissiereductie door CO₂ permanent op te slaan onder de Noordzee. LBC, gevestigd in Vlissingen, zal verantwoordelijk zijn voor de ontwikkeling van een terminal voor tijdelijke opslag en overslag van CO₂. Hier wordt CO₂ verzameld afkomstig uit het industriële ARRRA-cluster (Antwerp–Rotterdam–Rijn–Roergebied).
Vervolgens wordt de CO₂ per schip vervoerd naar de ABP-terminal in de haven van Immingham. Van daaruit wordt de CO₂ geïnjecteerd in de opslaglocatie van het Viking CCS-cluster. Dit cluster heeft als doel om in 2035 circa 15 miljoen ton CO₂ per jaar af te vangen en beschikt over een totale opslagcapaciteit van ongeveer 400 miljoen ton.
Partnerschap
Dit grensoverschrijdende CCS-partnerschap kan bijdragen aan de ontwikkeling van een kostenefficiënt systeem. Volgens een studie van de Carbon Capture and Storage Association (CCSA) kan het openstellen van de CCS-markt tussen Europa en het VK leiden tot kostenreducties door schaalvoordelen. Daarbij spelen de ruime geologische opslagcapaciteit voor permanente CO₂-opslag en de nabijheid van opslaglocaties een belangrijke rol. Transport per schip vergroot bovendien de flexibiliteit van het systeem.
Kansen
Hans Grünfeld, algemeen directeur van VEMW: “Het is positief dat er meer partijen zijn die de intentie hebben om CCS-projecten te ontwikkelen en daarmee opties bieden aan de Nederlandse industrie om de uitstoot fors te reduceren. Tegelijkertijd is dit ook een signaal dat Nederland achterblijft in het aanbieden van een nationale CCS-oplossing voor de industrie, waardoor andere landen deze kans benutten. Net als het Verenigd Koninkrijk beschikt Nederland over een unieke geografische ligging voor de ontwikkeling van CCS. Door deze kans beter te benutten, kan een schaalbare en concurrerende CCS-markt worden ontwikkeld.”