14 december 2020

Gevolgen aanscherping klimaatdoelen 2030 door Europese Raad nog allerminst duidelijk

VEMW volgt onderhandelingen en voorstellen in 2021 met grote belangstelling

De Europese Raad heeft op 11 december jl. een akkoord bereikt over het voorstel van de Commissie om de klimaatdoelstelling voor 2030 te verhogen naar ten minste 55%. De lidstaten willen graag nationale ruimte om de beoogde verhoogde doelstelling zo efficiënt mogelijk te implementeren. De maatregelen die de doelstelling moeten ondersteunen zullen in de loop van volgend jaar gepubliceerd worden door de Commissie. Volgens VEMW roept de aanscherping van de doelen veel vragen op.

Compromis
In september 2020 publiceerde de Europese Commissie een voorstel om de centrale broeikasgasreductie doelstelling voor 2030 van 40% te verhogen naar ten minste 55% (ten opzicht van 1990). De ambitieverhoging is volgens de Commissie nodig om in 2050 klimaatneutraliteit de bereiken en de doelstellingen uit het Parijsakkoord te behalen. Het voorstel is een amendement op de Europese Klimaatwet die eerder dit jaar verscheen. De Klimaatwet voorziet klimaatneutraliteit op Europees niveau in 2050. De Europese lidstaten waren behoorlijk verdeeld over het verhogen van de 2030 doelstelling, maar wisten tot een compromis te komen. In het compromis zijn afspraken gemaakt over de financiering van de transitie in armere lidstaten. Verder wijzen de Raadconclusies op het belang van concurrentievermogen en de uiteenlopende nationale situaties bij het implementeren van dit nieuwe doel. Het is aan de lidstaten om de beste technologie-mix samen te stellen om de emissiereductie te versnellen. Ook moet energielevering betrouwbaar en betaalbaar blijven. Er moeten standaarden voor groene financiering worden ontwikkeld. Het emissiehandel systeem (ETS) moet versterkt worden en geflankeerd worden door maatregelen die bijdragen aan het behoud van het concurrentievermogen van de energie-intensieve industrie.

Van 49 naar 55 procent
In het Klimaatakkoord is afgesproken dat Nederland binnen de EU zou pleiten voor een doelstelling van 55%. Wat deze ontwikkeling precies betekent voor de afspraken uit het Klimaatakkoord (die uitgingen van een nationale doelstelling van 49%) is afhankelijk van de doorvertaling naar wetgeving voor de verschillende sectoren, zoals het ETS (industrie en elektriciteitsproductie) en de gebouwde omgeving, transport en landbouw. De Commissie zal volgend jaar voorstellen publiceren die het nieuwe verhoogde doel zullen ondersteunen.

Onderhandelingen tussen de Raad van de EU (ministers), het Europees Parlement en de Europese Commissie zullen begin 2021 starten. Na een akkoord kan de wetgeving worden geïmplementeerd. Het Europees Parlement stemde eerder voor een doelstelling van 60% . Dit voorstel werd met een nipte minderheid in het Parlement aangenomen.

Algemeen directeur Hans Grünfeld van VEMW: “Het is goed dat de Europese Raad aangeeft dat ook bij aanscherping van de ambitie de energielevering betrouwbaar en betaalbaar moet blijven en het concurrentievermogen van de energie-intensieve industrie behouden moet blijven. De Raad denkt hieraan tegemoet te komen door invoering van standaarden voor groene financiering  en door versterking van het Europese emissiehandel systeem (ETS). Tegelijkertijd roept het voorstel van de Raad om de ambitie te verhogen echter veel vragen op, bijvoorbeeld de verdeling van de lasten tussen de verschillende lidstaten, de verdeling van de extra reductie tussen ETS- en non-ETS bedrijven en de gevolgen voor de nationale Nederlandse CO2-heffing. Wij zullen de onderhandelingen en voorstellen dan ook met grote belangstelling volgen.”

Meer informatie kunt u hier vinden

VEMW, 14 december 2020

Bij hergebruik gelieve terug te linken naar deze pagina 




Tags: