21 januari 2020

Legionella in waterzuiveringsinstallaties: RIVM pleit voor passende maatregelen en meer onderzoek

Effectiviteit van beheersmaatregelen vaak nog onduidelijk

Het is aannemelijk dat sommige afvalwaterzuiveringsinstallaties (AWZI) Legionella verspreiden. En het is mogelijk dat mensen hierdoor ziek worden. Daarom is het belangrijk dat installaties met een verhoogd risico op verspreiding van Legionella metingen laten doen en geschikte maatregelen nemen. Dat stelt het RIVM naar aanleiding van twee onderzoeken die het instituut heeft uitgevoerd.

Tijdens bepaalde zuiveringsprocessen kunnen kleine druppeltjes water (aerosolen), met daarin legionellabacteriën, in de lucht komen waardoor de legionellabacterie zich kan verspreiden naar de omgeving. Uit een eerder onderzoek bleek dat er in Nederland ongeveer 80 afvalwaterzuiveringsinstallaties zijn met een mogelijk verhoogd risico op groei en verspreiding van Legionella. In totaal zijn er 776 afvalwaterzuiveringsinstallaties in Nederland.

RIVM heeft in haar rapport een aantal maatregelen beschreven die groei in en verspreiding vanuit een AWZI kunnen voorkomen. Van een aantal maatregelen heeft het RIVM onderzocht of ze werken. Voorbeelden van maatregelen zijn het afdekken van waterbassins of het filteren van lucht rond waterbassins met Uv-straling. RIVM concludeert dat de toepasbaarheid en de effectiviteit van de maatregelen bij de verschillende soorten AWZI in Nederland onduidelijk is. Het instituut beveelt dan ook aan om processen en kenmerken van verschillende soorten AWZI in Nederland gedetailleerder in kaart te brengen. Dit kan ertoe leiden dat risico’s gerichter kunnen worden beheerst.

VEMW ziet een belangrijke rol voor zichzelf weggelegd in het vervolgtraject. Momenteel werkt VEMW aan een plan van aanpak gericht op de uitvoering van een vervolgonderzoek binnen de achterban. Bedrijven maar ook de overheid hebben beiden belang bij een gedegen kennisbasis die nu zo snel mogelijk opgebouwd moet worden. Vandaar dat VEMW in het vervolg nauw wil samenwerken met de overheid. Meer specifieke kennis is van groot belang om te kunnen bepalen bij welke specifieke omstandigheden het nodig is om maatregelen te nemen en, zo ja, welke maatregelen.

Bron: RIVM en VEMW