9 oktober 2018

Biedt kabinetsappreciatie hoofdlijnen klimaatakkoord voldoende houvast?

Geen goed uitgangspunt om transitie tot een goed einde te brengen

Het kabinet heeft zijn appreciatie van het Voorstel voor Hoofdlijnen voor het Klimaatakkoord gepubliceerd. Naar eigen zeggen ‘een fluitsignaal voor de tweede helft’ om het denkwerk van de verschillende klimaattafels te omkaderen en af te bakenen. De vraag is echter in hoeverre het de benodigde duidelijkheid en houvast biedt. 

Beleidsinstrumenten
De benodigde duidelijkheid om volgende stappen te kunnen maken ligt onder meer in de waardering van de voorgestelde beleidsinstrumenten. Het voorstel bevat onder meer subsidies en fiscale regelingen om innovatie te stimuleren en stappen in de opschaling en rentabiliteit te ondersteunen. De  appreciatie benadrukt dat beprijzing en normering de uitgangspunten zijn, waar slechts van kan worden afgeweken door middel van een subsidie als er sprake is van ondermijning van de internationale concurrentiepositie of carbon leakage.

Sectortafel elektriciteit
De reductieopgave van 20,2 Mton voor de elektriciteitsproductiesector wordt via verscheidene wegen bereikt, waarvan de grootste de kolenstop in 2030 is. De mate van elektrificatie van de energiebehoefte is nog onzeker, maar de rode draad is een vergroting van de capaciteit aan hernieuwbare energie. Het knelpunt daarbij is de ruimtelijke inpassing. De SDE+ zal na eind 2025 stop worden gezet. Een ambitieuze kostenreductie moet de vereiste groei van windparken op zee helpen realiseren. De toenemende weersafhankelijkheid vraagt om een verdere flexibilisering in de vorm van interconnectie (import en export), demand response (vraag afstemmen op aanbod), opslag en conversie, en regelbaar vermogen. Tegelijkertijd wil het kabinet de leveringszekerheid nog scherper gemonitord zien.

Het kabinet roept op tot het creëren van een nieuw, niet-financieel, instrument om de benodigde kostprijsreductie rond 2025 te bereiken. Het erkent de risico’s van carbon leakage en leveringszekerheid bij een CO2-minimumprijs, en wil dit beantwoorden met afspraken in (Noordwest-) Europees verband. Het kabinet wil een prijspad voor de minimumprijs vastleggen om de investeringszekerheid te bevorderen. Voor de tweede ronde aan de sectortafels vraagt het kabinet om een voorstel hoe kan worden geborgd dat elektrificatie bijdraagt aan verduurzaming van het elektriciteitssysteem.  Daarnaast wenst het kabinet een voorstel hoe verschillende sectoren betrouwbaarheid van het systeem kunnen helpen garanderen.

Sectortafel industrie
Met een emissiereductieopgave van 14,3 Mton per 2030 en een doel van CO2-neutraliteit in 2050 en behoud van de concurrerende positie (level playing field) erkent het kabinet dat de industrie voor een grote uitdaging staat. Opbouw van nieuwe waardeketens en productieprocessen vereist veel investeringen, evenals de ontwikkeling van nieuwe technologieën. Daarom zet de tafel voorlopig in op proces-efficiëntie en CCS, om nu al kostenefficiënt emissies te verminderen. Het kabinet stipt aan dat de efficiëntie moet worden uitgewerkt op basis van het Grondstoffenakkoord. Elektrificatie, waterstof, en opschalingen van recycling bevinden zich nog op pilot-niveau en zijn onderdeel van een meer fundamentele transitie naar 2050.

De doelen worden technisch haalbaar geacht. De volgende stap is het concretiseren van stimuleringsinstrumenten. Het kabinet stelt dat hogere eisen op de Nederlandse markt op korte termijn druk op de internationale concurrentiepositie zetten, maar op (middel)lange termijn een duurzaam versterkte concurrentiepositie opleveren. Reden om een onrendabele top van mogelijke maatregelen gezamenlijk (overheid en bedrijfsleven) te bekostigen.

Het kabinet houdt drie sporen aan: kostenreductie om subsidiëring minder noodzakelijk te maken, een borging als stok achter de deur, en maatwerk voor de verschillende (groepen) bedrijven, moeten programmatisch worden uitgewerkt door de tafel. De randvoorwaarde voor de borging is dat de opbrengsten worden teruggesluisd op basis van CO2-besparende maatregelen, met als insteek het belonen van koplopers en het beprijzen van achterblijvers. CO2-reductie wordt ondersteund door een verbreding van de SDE+.

Voortgang en toereikendheid
Algemeen directeur Hans Grünfeld van VEMW: “Het kabinet stuurt met haar appreciatie van het voorstel voor de hoofdlijnen voor een klimaatakkoord  de sectortafels de tweede ronde van onderhandelingen in met een boodschap die meer een politiek compromis is dan dat zij de gewenste duidelijkheid t.a.v. de randvoorwaarden en reductiemiddelen biedt. Zo moet er een CO2-minimumprijs komen, maar is er nog geen duidelijkheid gegeven over het effect op de leveringszekerheid en de elektrificatie van de industrie. Van de industrietafel wordt gevraagd een sanctiemiddel in detail uit te werken, zonder dat duidelijkheid wordt gegeven hoe bedrijven de investeringen in CO2-reducties kunnen realiseren.”

Meer informatie kunt u hier vinden.

VEMW, 9 oktober 2018

Bij hergebruik gelieve terug te linken naar deze pagina