7 februari 2018

Onduidelijkheid troef na publicatie nieuwe lijst met potentieel Zeer Zorgwekkende stoffen

RIVM heeft in opdracht van het ministerie van I&W een lijst met 327 potentieel Zeer Zorgwekkende Stoffen (ZZS) gepubliceerd. Het gaat om stoffen waarvan nog niet zeker is of ze ZZS zijn. Een lijst met ZZS bestond al. Deze bestaat uit 1.400 stoffen die de Nederlandse overheid met voorrang wil aanpakken om ze uit onze leefomgeving te weren of sterk terug te dringen, bijvoorbeeld omdat ze kankerverwekkend zijn. Naast deze lijst is er dus nu ook een lijst met potentiële ZZS. Potentiële ZZS zijn stoffen die mogelijk voldoen aan de ZZS criteria, maar nog niet als ZZS zijn geïdentificeerd. Dit kan zijn omdat bepaalde gegevens ontbreken, of omdat de evaluatie van de beschikbare gegevens nog moet plaatsvinden.

De lijst met potentiële ZZS komt voor uit de bezorgdheid en onrust over chemische stoffen die vrijkomen uit industriële processen. Aanleiding hiervoor zijn recente ervaringen met nieuwe stoffen, bijvoorbeeld rond Dordrecht met de stof GenX. Volgens het RIVM is de keuze voor de 327 stoffen op de lijst  voornamelijk gebaseerd op informatie uit de Europese REACH regelgeving. RIVM geeft aan dat de regelmatig wordt bijgewerkt naar aanleiding van ontwikkelingen in de Europese stoffenregelgeving.

In een nieuwsbericht  van RIVM stelt het instituut dat vergunningverleners bedrijven die één of meer van de 327 potentiële ZZS uitstoten moeten “aanspreken op het voorzorgbeginsel” en het bevoegd gezag kan een bedrijf dat een vergunning aanvraagt “om nader onderzoek vragen als dit bedrijf een potentiële ZZS uitstoot”. VEMW vindt het goed en begrijpelijk dat er veel aandacht is voor gevaarlijke stoffen en dat er goed wordt gekeken naar mogelijkheden om de proces van vergunningverlening te verbeteren. Echter, wederom een nieuwe stoffenlijst introduceren waarbij de juridische status én het handelingsperspectief niet duidelijk zijn, zal daarbij niet helpen. Deze zal alleen maar verwarring creëren, zowel bij de bedrijven als bij het bevoegd gezag alwaar men toch al moeite heeft om de ontwikkelingen in het stoffenbeleid en de implementatie daarvan te bevatten. Het ligt volgens VEMW veel meer voor de hand dat het Rijk investeert in de kwaliteit van de bevoegde gezagen waar te weinig specifieke kennis aanwezig is over stoffen in relatie tot vergunningen.

Bron: VEMW, 7 februari 2018

Tags: Afvalwater