11 januari 2018

Hoe kan productie Groningengas doelmatig worden verlaagd?

VEMW pleit voor betrekken afnemers bij oplossing

Maandag j.l. vond in Groningen rond Loppersum een aardbeving plaats met een kracht van 3,4 op de schaal van Richter. Het is de op twee na zwaarste beving in het Groningse en de zwaarste in ruim 5 jaar tijd. De Nam heeft de beving geanalyseerd en maatregelen voorgesteld aan de toezichthouder SodM: de insluiting van een drietal productieclusters en een verdere verlaging van het productieplafond. SodM sprak vandaag de verwachting uit dat de gaswinning fors moet worden teruggeschroefd. Minister Wiebes (EZK) heeft gisteren aangegeven te onderzoeken hoe de gaswinning in Groningen verder verlaagd kan worden. De vraag is wat de mogelijkheden zijn om dat te realiseren en hoe dat het beste kan plaatsvinden. VEMW bepleit om naast de aanbodzijde ook de afname bij het onderzoek te betrekken.

Analyse
De aardbeving vond plaats in het seismisch meest actieve gebied, rond Loppersum. Volgens de Nam zijn er op dit moment geen indicaties dat de beving wetenschappelijk verrassend is. De kans op een aardbeving zoals die nu heeft plaats gevonden is onderkend en past binnen de verwachtingen. De kans op een aardbeving zoals in Huizinge (2012) in 2018 met een magnitude van meer dan 3,6 wordt ingeschat op 16 procent.

Maatregelen
De Nam stelt twee maatregelen voor: het verder verlagen van de productie van het Groningen gasveld en insluiting van een drietal productieclusters rond Loppersum, Eemskanaal en Leermens en ’t Zandt. Tezamen met de reeds genomen productieverlaging van 10 procent tot een niveau van 21,6 mrd m3 (bcm) met de ingang van het nieuwe gasjaar (1 oktober 2017) verwacht de Nam in staat te zijn om - in lijn met het doel van het Meet- en Regelprotocol (MRP) Groningen de veiligheid en veiligheidsbeleving binnen acceptabele parameters te houden. De maatregelen komen voort uit een analyse die Nam verplicht heeft uitgevoerd voor Staatstoezicht op de Mijnen (SodM). In het Regeerakkoord is overigens vastgelegd dat het plafond naar 20,1 bcm moet gaan in 2021, 1,5 bcm lager dan de 21,6 bcm in het huidige gasjaar.

Algemeen directeur Hans Grünfeld van VEMW: “de vraag is niet of een verdere reductie van de productie van Groningen gas noodzakelijk is, maar de manier waarop dat gerealiseerd kan worden. Daarbij spelen zowel de kosten als de realisatietijd een belangrijke rol. Landelijk netbeheerder GTS geeft aan dat de afbouw van exportcontracten van Groningengas naar onder meer Duitsland en België al in gang is gezet in 2013 en pas rond 2030 zal zijn afgerond. Volgens deskundigen is de bestaande conversiecapaciteit van geïmporteerd hoogcalorisch gas naar laagcalorisch Groningen gas al bijna volledig uitgenut door de Groninger productieplafondverlagingen van de afgelopen jaren. Die conversie is nodig om aan de vraag naar laagcalorisch gas – dat vroeger alléén uit Groningen kwam -te kunnen blijven voldoen. Een verdere productieverlaging vereist nieuwe maatregelen. GTS heeft onderzoek gedaan naar uitbreiding van de kwaliteitsconversie capaciteit door het bouwen van een stikstoffabriek voor bijmenging van stikstof. Zo’n fabriek brengt hoge kosten met zich mee (investering 500 mln euro) en is onevenredig duur omdat de benodigde capaciteit maar 5 jaar maximaal benut gaat worden. VEMW bepleit om naast de aanbodzijde ook de afname bij het onderzoek te betrekken. Zoals het omschakelen van grote gas afnemers in de industrie en elektriciteitscentrales van laagcalorisch Groningengas naar hoogcalorisch gas, als ook de mogelijkheid van ‘Demand Side Response’: het op afroep beschikbaar stellen van G-gas afname capaciteit tegen een overeengekomen vergoeding.”

VEMW, 11 januari 2018

Bij hergebruik gelieve terug te linken naar deze pagina