10 januari 2018

VEMW: rekening gastransport naar Engeland niet bij Nederlandse afnemers leggen!

Belangen netgebruikers onvoldoende meegenomen in ACM-besluit

GTS heeft besloten het interconnectiepunt Julianadorp, dat via de BBL-interconnector (een gastransportleiding tussen het Nederlandse Balgzand en het Engelse Bacton) toegang geeft tot de Britse NBP-gasmarkt, op te heffen. Hiermee wordt de BBL-pijpleiding onderdeel van het Nederlandse TTF-marktgebied. De netwerkkosten die aan dit netwerkpunt werden toegerekend worden in het Tarievenbesluit 2018 door de landelijk gasnetbeheerder herverdeeld over alle andere netwerkpunten. Concreet betekent dit dat alle Nederlandse afnemers van gas gaan meebetalen aan gastransport van en naar Engeland. Dat zorgt niet alleen voor een onnodige stijging van de lasten voor netgebruikers en kruissubsidiëring, maar schept mogelijk ook precedenten in de toekomst. Reden voor VEMW om samen met  een viertal grote shippers/leveranciers een handhavingsverzoek neer te leggen bij toezichthouder ACM om tot een herziening van het besluit te komen zodat de rekening van het transport naar de BBL-gasleiding niet bij alle afnemers wordt neergelegd.

Marktintegratie
Landelijk gasnetbeheerder GTS wil de BBL-interconnector, die het Nederlandse TTF-marktgebied fysiek verbindt met het Britse NBP-marktgebied (de 2 belangrijkste gasmarkten in Europa), integreren in het TTF-marktgebied. Eén van de onderdelen van de integratie is om het interconnectiepunt Julianadorp te laten vervallen. Uit een onderzoek van Pöyry, uitgevoerd in opdracht van GTS en de beheerder van BBL, BBL Company, zou blijken dat de voordelen van de beoogde integratie groter zijn dan de nadelen. VEMW c.s. betwijfelen de stelligheid van de conclusies van Pöyry. De vermeende marktvoordelen bedragen netto 2,5 mln euro per jaar, terwijl zeker is dat de herverdeling van netwerkkosten leidt tot 11 mln euro tariefstijgingen voor afnemers in Nederland. Kosten die deels ondoelmatig zijn omdat een aantal lange termijncontracten van gasmarktspelers met BBL Company aflopen, waar nog geen nieuwe boekingen tegenover staan. Deze gederfde inkomsten moeten volgens het besluit nu door de Nederlandse netgebruiker opgebracht worden. VEMW heeft net als andere belanghebbenden haar kanttekeningen en bezwaren laten blijken in een consultatie van GTS en BBL Company, en in een zienswijze op het concept Tarievenbesluit 2018.

Regulering
De kosten die de netbeheerder in rekening mag brengen bij de netgebruikers en de verdeling van die kosten over de diensten die zij levert, zijn onderhevig aan Europese regulering en Nederlandse wet- en regelgeving. De tarieven die GTS mag toekennen aan invoedings- (entry) en onttrekkingspunten (exit) moeten voldoen aan objectieve, transparante en niet-discriminerende voorwaarden met inachtneming van de belangen van netgebruikers. Onnodige kruissubsidiëring tussen netgebruikers moet voorkomen worden, en tarieven moeten voor ieder afzonderlijk entry- en exitpunt worden vastgesteld. Bij de aanleg van de BBL heeft de rechtsvoorganger van de ACM, DTe, in een ontheffingsadvies gesteld dat investeringen in het GTS net ten behoeve van de BBL-interconnector in beginsel ten laste dienen te komen van de gebruiker van die BBL.

Handhavingsverzoek
Algemeen directeur Hans Grünfeld van VEMW: “met het ACM-Tarievenbesluit 2018 over het door GTS ingediende voorstel is ons inziens niet voldaan aan de wet- en regelgeving, onder meer omdat de belangen van de netgebruikers onvoldoende meegenomen zijn. En dat vinden wij niet alleen, maar ook 4 van de belangrijkste erkend programma-verantwoordelijke netgebruikers (‘shippers’). Van het besluit gaat een precedentwerking uit als zou blijken dat GTS kennelijk eenzijdig netwerkpunten mag opheffen. Reden voor VEMW om samen met deze shippers een handhavingsverzoek neer te leggen bij ACM om af te dwingen dat het besluit wordt herzien om de kosten die tot 2018 expliciet werden toegerekend aan de gebruikers van de BBL via interconnectiepunt Julianadorp niét toegerekend gaan worden aan alle afnemers. Wij zien een adequate reactie op ons verzoek met belangstelling tegemoet.”

VEMW, 10 januari 2018

Bij hergebruik gelieve terug te linken naar deze pagina