7 december 2016

Industrie en overheid delen visie toekomst duurzame energie-intensieve industrie

Perspectief voor energie-intensieve industrie die koolstofarm produceert

Een koolstofarme energievoorziening in 2050, die veilig, betrouwbaar en betaalbaar is en - vanuit het belang van de Nederlandse energie-intensieve economie  - geleidelijk en tijdig gerealiseerd wordt. Op basis van het Europese energie- en klimaatbeleid, waarbij kansen door met name koplopers worden gestimuleerd. Dat is de inzet van het Kabinet in de ‘Energieagenda’ van minister Kamp (EZ) voor het energie- en klimaatbeleid voor de periode na 2023, wanneer het Energieakkoord voor Duurzame Groei afloopt. Volgens VEMW een verstandige inzet met perspectief voor de - energie-intensieve - industrie in Nederland.

Consequent beleid
Het beleid wordt vastgelegd in zogenoemde ‘transitiepaden’ voor de vier functionaliteiten op hoofdlijnen. De grootste uitdagingen liggen bij de functionaliteiten hoge temperatuurwarmte en de elektriciteitsvoorziening (kracht en licht). Maar ook de verwarming in de gebouwde omgeving (energiebesparing, vervangen aardgas-inzet door restwarmte, WKO en geothermie) en de transportsector kennen grote uitdagingen.

Het kabinet houdt vast aan sturing op CO2-reductie. Het Europese emissiehandelssysteem (ETS) is in beginsel een goed instrument om dat doeltreffend en doelmatig te doen. Omdat dit ETS momenteel volgens het kabinet een CO₂-prijs oplevert die te laag is om ook nu al te prikkelen tot het nemen van maatregelen,  zet het - overigens alleen in Europees verband - in op een ambitieuze versterking van het ETS door het jaarlijkse reductiepercentage aan te scherpen en het overschot aan rechten te verkleinen.

Het kabinet blijft inzetten op de grootschalige realisatie van wind op zee en blijft hernieuwbare energie stimuleren door continuering van de SDE+ regeling. Het Kabinet wil de regeling verbreden naar andere technieken die ook een bijdrage leveren aan CO2-reductie.

Algemeen directeur Hans Grünfeld van VEMW: “het beleid dat het Kabinet voorstaat is consequent, waarbij het vasthoudt aan sturing op CO2-reductie via het ETS en het stimuleren van duurzame energie wil verbreden naar CO2-reductie. Verstandig ook door maatwerk in te stellen, gekoppeld aan het gebruik van de energie. De industrie heeft immers andere uitdagingen dan de elektriciteitsvoorziening, de transportsector en de gebouwde omgeving. En bovendien doelmatig door het Brusselse energie- en klimaatbeleid te volgen in plaats van een eigenstandige koers te varen.”

Industriebelang
Het kabinet biedt een duidelijk perspectief voor de energie-intensieve industrie in Nederland, mits deze koolstofarm produceert. De transitie opgave is groot, complex en risicovol en vraagt nadrukkelijk een trendbreuk. De regering zet in op een versterkte aandacht voor het innovatiebeleid voor de transitie van de - energie-intensieve - industrie, gericht op radicale innovaties om onder meer efficiënt hoge temperatuur warmtegebruik mogelijk te maken en te komen tot een circulaire economie. Omdat het ETS op dit moment onvoldoende prikkel geeft om de CO2-uitstoot vergaand te reduceren, stelt het kabinet een mix van stimuleringsmaatregelen voor, gericht op energiebesparing, warmtebenutting, ultradiepe geothermie, en CCS; en normering en verplichtingen, zoals energiebelasting. Dat laatste is volgens VEMW een merkwaardige keuze, zeker wanneer van dezelfde bedrijven forse investeringen verlangd worden.

Algemeen directeur Hans Grünfeld van VEMW: “Het bedrijfsleven en de overheid delen het belang van een koolstofarme industrie die blijft behoren tot de wereldtop. Nederland toont zich ook een onderscheidend koploper bij de transitie van de industrie door een internationale aanpak en versterkte inzet op innovatie. Wij stellen vast dat het Kabinet met een lange termijn visie, die transparant maakt dat de transitie een trendbreuk behoeft, verstandig opereert met aandacht voor het belang van de energie-intensiviteit van het Nederlandse economische verdienmodel.  Dat grote investeringen nodig zijn, en dat daarvoor investeringszekerheid noodzakelijk is. Door dat lange termijn perspectief en de onderlinge dwarsverbanden kunnen doelmatige keuzes gemaakt worden, waardoor ”Samen minder”  gerealiseerd kan worden.“

Meer informatie kunt u hier vinden

Bron: VEMW, 7 december 2016

Bij hergebruik gelieve terug te linken naar deze pagina