18 april 2013

Brussels akkoord gesloten over nieuwe prioritaire stoffen in water

De lijst wordt uitgebreid met 12 nieuwe stoffen, met name bestrijdingsmiddelen. Voor deze stoffen worden normen afgeleid waaraan lidstaten in 2027 moeten voldoen. Dat betekent dat ze in de nieuwe stroomgebiedbeheerplannen die in 2015 het licht zullen zien, nog niet hoeven worden meegenomen. Over het akkoord is flink onderhandeld. Resultaat van deze onderhandelingen is onder meer dat geneesmiddelen geen onderdeel uitmaken van de nieuwe prioritaire stoffenlijst.

Sinds 2000 geldt de Europese Kaderrichtlijn Water (KRW), bedoeld om de kwaliteit van het oppervlakte- en grondwater in Europa in 2015 op orde te brengen. De Europese Commissie heeft daartoe onder meer de prioritaire stoffenlijst opgesteld waarop 33 stoffen staan die een groot risico vormen in en via het watermilieu. Voor de prioritaire stoffen zijn milieukwaliteitsnormen vastgesteld. De Commissie heeft bepaald dat de lidstaten beheersmaatregelen moeten treffen, gericht op het stoppen dan wel het verminderen van het vrijkomen van ‘prioritaire’ stoffen. De Richtlijn prioritaire stoffen is op 13 januari 2009 in werking getreden. De milieukwaliteitsnormen voor de prioritaire stoffen zijn in Nederland geïmplementeerd in het Besluit kwaliteitseisen en monitoring water 2009 (Bkmw) en in de Regeling monitoring KRW.

Het oorspronkelijke voorstel van de Commissie, gepubliceerd op 31 januari jl. ging nog uit van 15 nieuwe prioritaire stoffen. Daar zijn er dus 12 van overgebleven. Het betreft 6 pesticiden, 3 biociden, PFOS, HBCDD en dioxine. Het voorstel om ook 3 geneesmiddelen (waaronder diclofenac) te reguleren door deze als prioritaire stof aan te merken stuitte op veel verzet en heeft het dus niet gehaald. Wel is overeengekomen om deze stoffen op een zogenaamde ‘watch list’ te plaatsen. Deze omvat stoffen van opkomende zorg waarover nog maar weinig bekend is. Monitoring en onderzoek moeten uitwijzen of en in hoeverre de stoffen bij een volgende herijking in aanmerking komen voor plaatsing op de lijst. Het akkoord heeft verder tot gevolg dat normen van een aantal bestaande prioritaire stoffen worden aangescherpt. De aanscherping is het gevolg van nieuwe wetenschappelijk inzichten over onder andere de toxiciteit van stoffen.

Het voorstel van de Commissie ging er ook nog vanuit dat de nieuwe stoffen zouden worden meegenomen in de tweede generatie stroomgebiedbeheerplannen voor de periode 2015-2021. Het akkoord maakt duidelijk dat dit idee is losgelaten en dat de stoffen pas bij de derde generatie aan bod moeten komen.

Het akkoord moet nog formeel worden bekrachtigd door het Europees Parlement. Dit zal naar verwachting in juli geschieden. Daarna is het wachten op de officiële publicatie waarna lidstaten twee jaar de tijd hebben om één en ander om te zetten in nationale wetgeving.

Bron: VEMW, 18 april 2013