18 juni 2012

Europese bierbrouwers zuiniger met water en energie

 De Europese bierbrouwerijen hebben hun watergebruik per liter bier in de periode van 2008 tot en met 2010 met 4,5 procent weten te verlagen en de hoeveelheid afvalwater met bijna 7%. Het energiegebruik per liter bier is in deze periode met 3,8 procent gedaald en de CO2-uitstoot met 7,1 procent. Deze cijfers vloeien voort uit onderzoek dat recent in opdracht van de Europese branchevereniging ‘The Brewers of Europe’ is uitgevoerd door KWA Bedrijfsadviseurs en Campden BRI uit Engeland.

Aan het onderzoek hebben 155 bierbrouwerijen uit 27 EU landen plus Noorwegen, Turkije en Zwitserland meegewerkt. Zij vertegenwoordigen samen 62% van het totale bierproductievolume van Europa. Het onderzoek heeft zich gericht op de milieuprestaties in brede zin. Dit betreft niet alleen het gebruik van water en energie maar ook bijvoorbeeld het gebruik van verpakkingen en het (her)gebruik van bijproducten.

Om bier te kunnen brouwen is water nodig, zowel in het productieproces als ook bij de teelt van gewassen die worden gebruikt voor de productie van bier. Bier bestaat voor circa 92% uit water. Water is voor brouwerijen dan ook veruit de belangrijkste grondstof. De beschikbaarheid van voldoende water van de juiste kwaliteit is cruciaal voor de continuïteit van bierbrouwerijen. Bierbrouwerijen zoeken continu naar mogelijkheden om het watergebruik verder terug te dringen, bijvoorbeeld via het hergebruik van spoelwater en het aanpassen van reinigingsprocessen.

Bierbrouwerijen werken evenals andere waterafhankelijke bedrijven actief aan verduurzaming en vermindering van de vraag naar water. VEMW wil dat deze bedrijven daarvoor de ruimte krijgen van de overheid. Dat betekent onder meer dat er een goed en stabiel investeringsklimaat moet zijn, waarbij de regels niet belemmerend werken en bovendien niet continu veranderen. Voorts dienen de (water)belangen van bedrijven te worden verankerd in de diverse overheidsplannen voor (zoet)water.

Bron: VEMW