19 mei 2010

Veiligheid slimme meter ter discussie gesteld

De veiligheid en privacy van de 'slimme elektriciteitsmeter' zijn onvoldoende geregeld en maakt consumenten in Nederland kwetsbaar voor hackers, die in het ergste geval ons energienetwerk plat kunnen leggen. Dat zegt hoogleraar informatiebeveiliging Bart Jacobs (RUN) vandaag in de Volkskrant.

Met een slimme elektriciteitsmeter kan de netbeheerder op afstand de meter uitlezen en de energietoevoer afsluiten, bijvoorbeeld bij wanbetaling. De slimme meter zou energiebesparend werken. Het idee is dat afnemers zuiniger met energie omgaan als ze precies zien hoeveel ze gebruiken. Een wetsvoorstel om de slimme meter voor kleinverbruikers verplicht te stellen sneuvelde in 2009 in de Eerste Kamer omdat de meter teveel inbreuk op de privacy zou maken.

Bij de Tweede Kamer ligt nu een aangepast wetsvoorstel waarin de slimme meter niet langer verplicht is en meterstanden alleen met toestemming van de afnemer vaker dan tweemaandelijks mag worden uitgelezen. Het Kabinet wil dat in 2020 maar liefst 80 procent van de kleinverbruikers van een slimme meter is voorzien. Naar schatting zijn er al 200.000 geplaatst. Nederland kent ruim 6 miljoen huishoudens.

Hoogleraar Jacobs stellt in de Volkskrant dat men bezig is met onderzoek naar veilige software, maar dat het eindstadium nog lang niet is bereikt. Hij vraagt zich af of de software van de meters die de netbeheerders nu plaatsen wel de veiligste is. Jacobs trekt een parallel met de invoering van de OV-chipkaart, waar hij ook onderzoek naar heeft gedaan. Hij stelt dat in de vervoerssector en nu de energiesector veel te weinig met een veiligheidsblik (veiligheidsissues en privacy) wordt gekeken naar de invoering van een nieuwe technologie. Hij vindt het vreemd dat een slimme meter niet mag worden geweigerd als je in een huis gaat wonen waar al een slimme meter hangt. En dat geldt bijvoorbeeld in nieuwbouwhuizen waar deze meters grootschalig worden geplaatst.

De slimme energiemeters worden op verzoek van de energiebedrijven ingevoerd. Zij denken hiermee een besparing van administratieve kosten te realiseren van euro 100 mln per jaar. De vraag is echter volgens VEMW wat de afnemer er beter van wordt. De terugverdientijd van de slimme energiemeters is minimaal 12,5 jaar, en tot een besparing van energiekosten leiden deze meters niet. Afnemers hebben veel meer aan een goed advies over de energiebesparende maatregelen die zij kunnen nemen.

Juist bij de slimme meter zijn goede waarborgen waarmee de belangen van afnemers geborgd worden cruciaal. Zaken zoals het op afstand afschakelen of afknijpen van de energietoevoer, technische eisen aan de meter, het uitlezen en verstrekken van meetdata, privacy van afnemers en de verantwoordelijkheden van netbeheerders, leveranciers en meetbedrijven moeten goed geregeld worden. Deze voorwaarden dienen binnen het systeem van de Elektriciteitswet 1998 en de Gaswet te worden geregeld.

VEMW heeft er met succes op aangedrongen dat afnemers keuzevrijheid moeten hebben, ook ten aanzien van de energiemeter waarvan het tarief gereguleerd wordt. De uitrol van slimme meters moet niet gestuurd worden door netbeheerders of door leveranciers, maar door klanten zelf die daadwerkelijk behoefte hebben aan een slimme meter. Alleen deze klanten zullen immers gebruik willen maken van de mogelijkheden om zich in detail te informeren over hun energieverbruik. Voor de overige klanten lijkt het weggegooid geld.

Bron: Volkskrant, VEMW, 19 mei 2010