Waterschapsbelastingen op de schop

Naar een nieuw belastingstelsel voor de waterschappen

Een rapport van de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO) uit 2014 (Watergovernance in the Netherlands: Fit fot he Future?) vormde voor de Unie van Waterschappen aanleiding om een commissie in het leven te roepen die moest onderzoeken of het belastingstelsel van de waterschappen nog wel toekomstbestendig is. Deze Commissie (de CAB) heeft eind 2017 conceptvoorstellen voor aanpassing van het belastingstelsel gepresenteerd.  VEMW-leden zijn op 9 februari geïnformeerd over de voorstellen en de gevolgen daarvan. De waterschappen kennen drie belangrijke belastingen: de watersysteemheffing, de zuiveringsheffing en de verontreinigingsheffing.

De watersysteemheffing dekt de kosten van waterveiligheid en voldoende en schoon oppervlaktewater. Voor de watersysteemheffing heeft de CAB vooral gekeken hoe, naast het solidariteitsbeginsel, het profijtbeginsel beter kan worden toegepast.  De kosten van het watersysteembeheer worden op deze manier zo rechtvaardig mogelijk verdeeld over de groepen die profijt hebben van die taak.

Met de zuiveringsheffing worden de kosten van het zuiveringsbeheer gedekt. De kosten hangen nauw samen met de hoeveelheid en samenstelling van het afvalwater dat op de zuivering wordt geloosd. Voor de zuiveringsheffing is gekeken naar afvalwaterstromen die substantiële kosten veroorzaken maar nu niet of niet apart in de heffing worden betrokken.  Er is ook naar de andere kant gekeken: afvalwaterstromen die waarde vertegenwoordigen en de kosten van de waterschappen kunnen beperken. Meer ruimte voor het beginsel van de kostenveroorzaker betaalt past hier het beste bij.

De verontreinigingsheffing is van toepassing als vervuild water rechtstreeks op oppervlaktewater wordt geloosd. Daarbij speelt de mate van vervuiling een belangrijke rol. Voor de verontreinigingsheffing is daarom onderzocht of het beginsel de vervuiler betaalt beter toegepast kan worden. De opbrengst van de verontreinigingsheffing komt net als de watersysteemheffing ten goede aan de bekostiging van het watersysteembeheer

Proces
In het eerste kwartaal van 2018 heeft de CAB gesprekken gevoerd met diverse partijen waaronder VEMW als vertegenwoordiger van de zakelijke watergebruiker.  Tijdens deze ‘consultatieronde’ konden partijen hun mening geven over de voorstellen van de commissie. Na deze ronde besloot de commissie dat zij meer tijd nodig heeft om te komen tot definitieve voorstellen. Naar verwachting volgen deze voorstellen in juni. VEMW blijft betrokken bij de uitwerking van de voorstellen.