Opkomende stoffen: effectiever beschermen met bestaande instrumenten

Zorgen over waterkwaliteit

De kwaliteit van het Nederlandse oppervlaktewater houdt de gemoederen bezig. Lange tijd heerste het beeld dat industriële lozingen gesaneerd waren en geen reden meer vormden voor zorgen. Als gevolg van recente incidenten met de lozing van zogenaamde opkomende stoffen, zoals bij het bedrijf Chemours in Dordrecht, staan lozende bedrijven weer volop in de belangstelling. Drinkwaterbedrijven zijn bezorgd en vinden dat er beter rekening moet worden gehouden met de drinkwatervoorziening bij industriële lozingen. Tweede Kamerleden dringen aan op scherpe maatregelen.

Opkomende stoffen
Opkomende stoffen zijn niet (wettelijk) genormeerde stoffen, waarvan de schadelijkheid nog niet (volledig) is vastgesteld. Door verdergaande ontwikkeling van detectiemethoden worden tegenwoordig steeds meer stoffen aangetroffen en gemeten. De incidenten leiden tot vragen bij betrokken partijen over de huidige aanpak en over de inzichtelijkheid van potentiële probleemstoffen voor de drinkwaterbereiding. Bij de voornoemde incidenten was er onduidelijkheid bij betrokken partijen of en hoe (drink)watervereisten beoordeeld worden bij vergunningverlening en waren er vragen over de bevoegdheidsverdeling tussen diverse overheden. De Rijksoverheid heeft daartoe een structurele aanpak uitgewerkt.

Structurele aanpak
Na een uitvoerige evaluatie van het bestaande lozingsbeleid in de eerste helft van 2017 bleek dat dit beleid grotendeels volstaat maar dat de uitvoering ervan kan en moet verbeteren. Met de structurele aanpak zet het Rijk (c.q. het ministerie van I&M) in op de volgende verbeterpunten:

  • verbeteren uitvoering vergunningverlening;
  • vergroten van de inzichtelijkheid van probleemstoffen voor drinkwater;
  • beschikbaarheid van informatie;
  • onderzoek naar risicovolle stoffen voor de drinkwaterbereiding;
  • internationale inzet.

Met de aanpak wordt duidelijk dat er vertrouwen heerst in het vigerende waterkwaliteitsbeleid. De belangrijkste instrumenten waarmee dit beleid wordt uitgevoerd (de Immissietoets en de Algemene Beoordelingsmethode Stoffen en Preparaten) zijn recentelijk (2016) geactualiseerd. Deze gelden voor zowel directe lozingen in oppervlaktewater als voor indirecte lozingen (via het riool op de RWZI). Het Rijk kiest voor een evenwichtige aanpak c.q. een aanpak waarbij de belangen van de drinkwatervoorziening worden gediend en er tegelijkertijd voldoende ruimte overblijft voor andere watergebruiksfuncties. Aanpassing van wet- en regelgeving is vooralsnog niet aan de orde.

Bijeenkomst VEMW
Op 10 november 2017 organiseert VEMW het Minisymposium Nieuwe stoffen en de gevolgen voor het lozingsbeleid. Wilt u meer weten over de recente problemen met de lozing van GenX en over de ‘pyrazoolkwestie’? Wilt u uit eerste hand vernemen hoe waterleidingbedrijven en watergebruikers omgaan met lozingen van potentieel gevaarlijke stoffen? En bent u benieuwd hoe de overheid de problematiek van opkomende stoffen wil aanpakken en wat dat betekent voor uw vergunning? Meld u dan nú aan voor het VEMW-Minisymposium op 10 november 2017.