Hebben we kernenergie nodig om het klimaatvraagstuk op te lossen?

‘Nederland heeft kernenergie nooit echt omarmd’

Interviews en tekst: Alexander Haje

Kernenergie is al decennialang onderwerp van discussie in Nederland. Voor- en tegenstanders debatteerden regelmatig over de vraag of er naast Borssele een tweede kerncentrale zou moeten komen. Nu dringt die vraag zich opnieuw op. Waarom heeft ons land kernenergie eigenlijk nooit echt omarmd? Wordt het misschien tijd voor een omslag in denken nu we voor de opgave staan om in 2050 klimaatneutraal te zijn?


Hoge investeringskosten. Veiligheid. En een langdurig risicovol afvalprobleem. Het klimaat voor de bouw van een tweede kerncentrale in ons land lijkt nog ver weg. Maar is dit ook werkelijk zo?

Na de ingebruikname van de kerncentrale in het Zeeuwse Borssele in 1973 is het welles-nietes over kernenergie nooit verstomd. Op verzoek van de Tweede Kamer is er door adviesbureau KPMG onlangs een marktconsultatie uitgevoerd. En daaruit komt naar voren dat marktpartijen wel degelijk bereid zijn te investeren in de bouw van nieuwe kerncentrales in Nederland. In een brief aan de Kamer schrijft demissionair staatssecretaris Yesilgöz dat marktpartijen daarbij wel als voorwaarde stellen dat de overheid de bouw financieel rendabel maakt. En ook maatschappelijk draagvlak is belangrijk. Yesilgöz laat nu een zogeheten scenariostudie opstellen, waaruit moet blijken hoe kernenergie mogelijk toch een rol kan gaan spelen vanaf 2030.

'De opgave is zo groot dat we geen technologie kunnen uitsluiten’

Jan Leen Kloosterman, hoogleraar reactorfysica aan de TU Delft, vindt dit geen vreemde of opmerkelijk wending in denken. “We hebben een groot broeikasgasprobleem”, zegt hij. “Om de klimaatdoelen te halen moeten we in 2050 geheel CO₂-vrij zijn. Het is de taak van de overheid om dat met zo klein mogelijk risico te realiseren. Dat betekent dat we geen technologie moeten én kunnen uitsluiten, want hoe meer we uitsluiten hoe moeilijker het wordt om dat doel te bereiken. Studies laten ook zien, zoals van het Utrechtse Copernicus instituut, dat kernenergie als serieuze optie naar voren komt als je praat over een CO₂-neutraal energiesysteem.”

Veel gunstiger
Sluit je kernenergie uit, dan moet alles van zon en wind komen en mogelijk van gas met CO₂-opvang en ondergrondse opslag, zegt Kloosterman. “Je zult dan een overcapaciteit moeten hebben om windstille dagen op te kunnen vangen. Dat betekent extra kosten voor opslag en extra productie. Een zekere mate van regelbaar vermogen is dan veel gunstiger. Dat kan kernenergie zijn, maar ook gas en biomassa. Als je naar kosten kijkt, dan is kernenergie zeker een optie. In die zin zou ik het heel voorbarig vinden om kernenergie uit te sluiten. Het past zeker in de energiemix van 2050. 2030 gaat niet meer lukken, want een kerncentrale bouwen, vergunnen en in bedrijf nemen vraagt veel tijd.”

‘Kernenergie kan wel degelijk een serieus onderdeel van de energiemix worden’

Kloosterman: “Als je een grote reactor bouwt met ongeveer drie keer de omvang van Borssele, dan kun je met één centrale tien procent van onze huidige elektriciteitsbehoefte voorzien.  Ik verwacht dat de elektriciteitsvraag aanzienlijk gaat stijgen de komende jaren. De energiemix zal sterker geëlektrificeerd gaan worden. Heel veel industrieën kijken ook naar de mogelijkheid om te elektrificeren. Mede daarom denk ik dat het mogelijk is dat kernenergie serieus terugkomt en een serieus onderdeel wordt van de energiemix.”

Omstandigheden creëren
Wat verwacht u van de discussie over kernenergie? Vier jaar geleden stond het ook op de politieke agenda, maar verdween het naar de achtergrond.
Kloosterman: “De overheid zal nu echt iets moeten doen, want kernenergie komt er niet vanzelf. Wat zij nu zegt is: het loket is open. Als een bedrijf aanklopt gaan wij dat verzoek serieus in behandeling nemen. Er is alleen geen bedrijf dat wil bouwen. Misschien moet je dan kijken naar grote buitenlandse elektriciteitsmaatschappijen die mogelijk geïnteresseerd zijn. Ik denk dat de Nederlandse overheid zodanige omstandigheden moet creëren dat het voor bedrijven aantrekkelijk wordt om een reactor te bouwen.”

Is dat te verwachten, denkt u?
“Het hangt er vanaf hoe dringend het wordt met betrekking tot het klimaatprobleem. De overheid zet nu vooral in op zon en wind. En terecht, er valt op korte termijn nog heel veel te winnen op dat gebied. Beide zijn goed inpasbaar in de energiemix. Als het aandeel van zon en wind verder toeneemt, dan wordt het wel steeds moeilijker om zon en wind erbij te zetten. Het zou dan best kunnen zijn dat de urgentie om kernenergie op te nemen groeit. Het gaat uiteindelijk om leveringszekerheid. Hoe meer variabele factoren, des te belangrijker wordt een regelbaar vermogen en dus komt een optie als kernenergie dan in beeld.”

De investeringen in louter zon en wind en opslag worden wel hoog om die leveringszekerheid te garanderen, zegt Kloosterman. “In scenario’s waar je met een leveringszekerheid van meer dan 99,9 procent werkt (wat we nu ook hebben), dan wordt het een ander verhaal want je moet een enorme overcapaciteit aan zon en wind inbouwen. De pure kostprijs van kernenergie is dus niet het enige dat telt.”

Urgentie ontbrak
Veel andere Europese landen kijken anders tegen kernenergie aan dan wij in Nederland. Hoe komt dat volgens u?
“We hebben in Nederland vanaf begin jaren zestig in de vorige eeuw heel lang gedraaid op aardgas en zijn dus achtergebleven met de ontwikkeling van kernenergie. Er waren vroeger wel plannen om kernenergie te ontwikkelen, maar die zijn in de ijskast gezet, want de urgentie ontbrak. Nederland heeft kernenergie nooit echt omarmd. Nu ontstaat er een ander scenario omdat het aardgas verdwijnt. En, we hebben voldoende koelwater bij locaties waar we centrales zouden kunnen bouwen. Het is ook een optie die weinig grondbeslag heeft. Met een kleine locatie kun je toch veel energie opwekken. Kortom, de mogelijkheden zijn er. Zoals ik zei: We hebben zoveel elektriciteit nodig in de toekomst dat we echt álle opties nodig zullen hebben.”

‘Overheid zou goedkoper geld kunnen verstrekken’
De kosten van een kerncentrale zijn hoog vanwege de hoge rente die betaald moet worden bij de bouw, zegt Kloosterman. “Meer dan de helft van de kosten zit hem daarin. De overheid zou goedkoper geld kunnen verstrekken waardoor de risico’s van zo’n bouwproject lager worden. Ik denk dat ze nu met het bedrijfsleven in gesprek moet gaan. En ze moet scherp in beeld krijgen wat er voor bedrijven nodig is om kernenergie aantrekkelijk te maken in Nederland.”


Kernreactoren die veilig en zuinig zijn
Nieuwe typen kerncentrales, zoals de hoge temperatuurreactor en de gesmolten zoutreactor, zijn inherent veilig en gaan zuinig om met splijtstof. Daardoor kunnen ze naast uranium ook thorium als brandstof gebruiken. En dat levert veel minder langlevend kernafval op. De gesmolten zoutreactor is bijzonder duurzaam, omdat de langlevende componenten in de splijtstof blijvend kunnen worden gerecycleerd en de benodigde opslagtijd van kernafval drastisch kan worden verkort.
Kloosterman: “Kerncentrales zijn de afgelopen jaren steeds groter geworden om via ‘economy of scale’ de kosten van elektriciteit omlaag te brengen. Een alternatief is om kerncentrales juist kleiner te maken en er meerdere bij elkaar te plaatsen. Aan de TU-Delft doen we onderzoek naar kleine en middelgrote inherent veilige kerncentrales die modulair kunnen worden gebouwd en flexibel kunnen worden ingezet. Voorbeeld is de U-Battery, een kleine centrale met een vermogen van 5 tot 10 megawatt die op industriële locaties kan voorzien in de vraag naar elektriciteit en warmte.”


‘Een goede optie is de gesmolten zoutreactor’

Kritisch
Wim Turkenburg, emeritus hoogleraar Science, Technology & Society aan de Universiteit Utrecht, staat kritisch in het debat over kernenergie. Hij is niet zonder meer een voorstander van de bouw van een tweede kerncentrale in Nederland. Daaraan verbindt hij bepaalde voorwaarden. Wel vindt hij het klimaatprobleem belangrijker dan de problemen die rondom kernenergie spelen.

Turkenburg: “Ik vind vooral dat we nu naar oplossingen moeten zoeken voor het klimaatvraagstuk. Dan moet je naar alle opties durven kijken. Dat betekent overigens niet dat je zonder meer in kernenergie moet stappen. Je moet wel degelijk duurzaamheidseisen stellen aan iedere optie die je inzet. Gebruik je fossiele brandstoffen, dan kan dat alleen met behulp van de afvang en opslag van CO2. En als je biomassa gebruikt, moet dat duurzaam zijn gewonnen en bij voorkeur bestaan uit reststoffen die beschikbaar komen bij hoogwaardige toepassingen voor biomassa. Ook aan kernenergie zul je dus eisen moeten stellen.”

Onderzoek
Als burger gaat Turkenburg mee met de duurzaamheidseisen die de milieubeweging stelt. “Ik zou het liefst zien dat kerncentrales inherent veilig zijn en dat ze veel minder langlevend afval produceren dan ze nu doen. En dat er ook veel minder gevaar is voor misbruik van nucleaire materialen. Vanuit die perspectieven zie ik liever een generatie vier dan generatie drie reactor gebouwd worden. Ik vind ook dat we in Nederland moeten bijdragen aan onderzoek naar generatie vier reactoren. Een goede optie is dan de gesmolten zoutreactor. Ik ben van mening dat we in ons land een aparte discussie zouden moeten voeren over welk type reactor je dan, tezamen met partijen in het buitenland, zou moeten ontwikkelen. Er zijn namelijk verschillende technieken die je bij een gesmolten zoutreactor kunt toepassen. Ik denk dat daar goed naar gekeken moet worden, gelet op de problemen die bij dit type reactor opgelost moeten worden.”

‘Als je andere opties afwijst, dan wordt het buitengewoon moeilijk om zonder kernenergie klimaatdoelen te halen’

Niet dekkend
Turkenburg: “Vanuit de wetenschap sta ik er kritisch in. Ik ben voor strenge duurzaamheidscriteria, maar besef ook dat je dan nu geen nieuwe kerncentrale kunt bouwen. Dan rijst de vraag: Hoe ga je het klimaatvraagstuk wél oplossen? En hoe zorg je voor voldoende klimaatvriendelijk vermogen dat ook regelbaar is? Je zult dan aardgas moeten willen inzetten met CO₂-afvang en opslag. En je zult moeten werken aan bio-energiecentrales met afvang en opslag van CO₂ die kunnen worden ingezet in de elektriciteitsvoorziening. Wijs je deze twee opties af, dan wordt het buitengewoon moeilijk om de klimaatdoelen zonder kernenergie te halen. Ik geloof er niet in dat het klimaatvraagstuk met alleen zon, wind en groene waterstof oplosbaar is binnen dertig jaar. Daar kun je onze totale energiebehoefte niet mee dekken. Daarbij komt ook dat stroom opgewekt met groene waterstof hoogstwaarschijnlijk duurder is dan kernstroom. Daarnaast vergt deze route heel veel energie uit zon en wind, en ook heel veel ruimte.”


‘Roep om kernenergie groeit’
Turkenburg gaat regelmatig in debat over kernenergie en verzorgt onder meer presentaties voor Statenleden in de provincies. Zij ‘worstelen’ met de vraag of ze nu wel of geen regionale energieplannen moeten ontwikkelen, zegt hij. “Zeker in het rechts politieke spectrum heerst er weerstand tegen zonne- en windenergie op land. De roep om kernenergie groeit daardoor. Ik begrijp die sentimenten en begrijp ook dat de belangstelling voor kernenergie er door toeneemt. Er zijn daarbij politici die vinden dat we binnen tien jaar in ons land een nieuw type kerncentrale kunnen en moeten bouwen: Een gesmolten
zoutreactor die op thorium draait. Zij zijn van mening dat we daarmee een eigen innovatieve industrie kunnen opbouwen. Helaas zijn ze weinig op de hoogte van de feiten. En ik sta daarin niet alleen, ook collega Kloosterman van de TU Delft is die mening toegedaan. Het is namelijk onmogelijk om binnen dertig jaar in ons land commercieel een thoriumreactor te bouwen en operationeel te maken. Voor 2050 is zoiets niet realiseerbaar.”


Dit artikel geeft de visies en standpunten weer van beide geïnterviewden en staat los van VEMW’s standpunten over kernenergie.