Congres VEMW 100 jaar

'Samen op weg naar minder' succesvolle aanzet voor de toekomst

Donderdag 16 juni jl. organiseerde VEMW een congres ter gelegenheid van haar 100-jarig bestaan. De boeiende middag stond in het teken van de kansen en uitdagingen van Nederlandse bedrijven in de transitie naar een duurzame economie. In dat kader werd tijdens het congres een position paper overhandigd aan de directeur-generaal Energie van het ministerie van Economische Zaken. Een verslag van de dag.

VEMW voorzitter Ton Spoor trapte de bijeenkomst af met het verwelkomen van de genodigden, leden, stakeholders en sprekers. Hij benoemde daarbij de betekenis en relevantie van de titel van het congres, ‘Samen op weg naar minder’: “Duidelijk is dat we in de komende decennia voor grote uitdagingen staan de uitstoot van CO2 drastisch te beperken, en wel met 80 tot 95% in 2050. Wat betekent dat voor bedrijven die veel energie nodig hebben, wat betekent het voor hun processen? Dat hebben we onderzocht met een elftal van onze leden en dat zal het onderwerp zijn van vandaag. (…) Ik hoop dat we u een stuk inspiratie kunnen geven voor het aannemen van de grote uitdagingen waar we voor staan, en beginnen met het zoeken naar oplossingen, samen met onze stakeholders. VEMW wil graag samen met u op weg naar minder. Een boeiende middag gewenst!

 

Dagvoorzitter Roelof Hemmen gaf het woord aan Victor Molkenboer, burgemeester van Woerden, die volgens Hemmen een verrassing zou hebben meegenomen: “U zult zich misschien afvragen wat een burgemeester uit Woerden als spreker op dit jubileumcongres doet, een bijeenkomst die in het teken staat van grote veranderingen die de zakelijke energie- en watergebruiker te wachten staan om een significante bijdrage te leveren aan de beperking van de Nederlandse CO2-uitstoot. (…) Het zal duidelijk zijn dat de zakelijke energiegebruikers bij uitstek een cruciale schakel vormen in dit debat, dus ook bij de ontwikkeling van innovaties binnen de sector om de energietransitie te laten slagen. Als geen ander levert de Vereniging voor Energie, Milieu en Water hierin een belangrijke rol. Dat doet VEMW al 100 jaar. Als burgemeester van Woerden feliciteer ik dan ook het bestuur en de leden van de vereniging met het 100-jarig jubileum. (…) Vanaf heden mag de Vereniging Energie, Milieu en Water zich koninklijk noemen. (…) Het predicaat ‘Koninklijk’ staat voor kwaliteit, solidariteit en continuïteit van de vereniging. Het predicaat symboliseert het respect en de waardering en het vertrouwen van onze vorst, maar het geeft ook uitdrukking van waardering van de Nederlandse samenleving. Dat ik hier vandaag ben en de oorkonde die hoort bij dit prachtige predicaat voor u heb meegebracht, is het bewijs dat de VEMW in alle opzichten voldoet aan de strenge criteria die aan de toekenning van het predicaat verbonden zijn. Een geweldige prestatie waarmee ik u van harte feliciteer.

 

Professor Tim van der Hagen, voorzitter van het college van bestuur van de TU Delft, gaf een optimistische voordracht over het ‘Delft Energy Plan’. In zijn presentatie gaf hij een aantal voorbeelden van revolutionaire, innovatieve projecten. Daarnaast hield hij een pleidooi voor een Nederlandse wetenschapsagenda, die vraagstukken behandelt over bijvoorbeeld nieuwe energiedragers en duurzame energietechnologie, conversietechnologie, een biobased economie en systeemintegratie.
Bekijk hier de presentatie

Robert Smith, CEO van Royal Cosun, zette het optimisme voort met een inspirerende presentatie over de verwerking van plantaardige grondstoffen. Royal Cosun is een agro-industrieel concern dat akkerbouwgewassen en andere plantaardige grondstoffen verwerkt. Ruim tachtig procent van de agrarische grondstoffen die Cosun verwerkt, zoals bieten- en cichoreipulp, aardappelsnippers, stoomschillen en zetmeel, vindt zijn toepassing in voeding. Tien procent gaat naar diervoeding en de rest naar bio-energie en biobased producten. Cosun streeft ernaar de totale grondstof te benutten, wat inhoudt dat zij alle delen van de plant gebruiken: bioraffinage. Smith illustreerde dit met een voorbeeld van dochteronderneming Suiker Unie, dat actief bezig is met verduurzaming van de bietenteelt.
Bekijk hier de presentatie

Na de pauze was het de beurt aan Gert-Jan de Geus, CEO van OCI Nitrogen, een marktleider in minerale meststoffen en producent van melamine. In een onderhoudende presentatie nam De Geus het publiek mee in de klimaatvriendelijke en energiezuinige activiteiten die zijn organisatie ontplooit. Hij legde daarbij de relatie met het belang van financieringsmogelijkheden voor de verduurzaming, die gevonden moeten worden buiten de normale bedrijfsvoering. Zoals het beschikbaar stellen van leningen (met terugbetaling) met performancerisico voor de onderneming.
Bekijk hier de presentatie

Vervolgens nam Hans Grünfeld, algemeen directeur VEMW, het woord om toelichting te geven op het position paper dat hierna aangeboden zou worden aan Mark Dierikx, directeur-generaal Energie van het ministerie van Economische Zaken. Dit unieke, ambitieuze en realistische plan is door VEMW ontwikkeld in samenwerking met 11 energie-intensieve bedrijven als raffinaderijen, de chemiesector, de metallurgische industrie en de papierindustrie. Het beschrijft de gezamenlijke visie dat de Nederlandse industrie actief en proportioneel bijdraagt aan de realisatie van de (ambitieuze) 2050 doelstelling, door te investeren in radicaal nieuwe technologieën, producten, materialen en verdienmodellen.
Bekijk hier het position paper ‘Samen op weg naar minder’

De beurt was aan de heer Knut Schwalenberg, voorzitter directie AkzoNobel Nederland. Bij de overhandiging van het position paper ‘Samen op weg naar minder’, verwees Schwalenberg naar het belang dat AkzoNobel hecht aan duurzaamheid en het feit dat het bedrijf koploper is in de Dow Jones Sustainability Index: “Wij hebben de afspraak: wij lopen voor de overheid uit, wij zullen ervoor zorgen dat op het moment dat wij 2030, 2040 en 2050 bereikt hebben, zullen wij meer CO2-reductie hebben dan de overheid in het land realiseert.” Na de schets van dit inspirerende perspectief overhandigde hij, mede namens de andere opstellers, het position paper aan Mark Dierikx, directeur-generaal Energie, Telecom en Mededinging van het ministerie van Economische Zaken.

In het kader van de Energiedialoog nam Mark Dierikx, namens het ministerie van Economische Zaken, het position paper in ontvangst. Dierikx gaf aan dat VEMW, al 100 jaar een zeer gewaardeerde gesprekspartner, op deze wijze EZ scherp houdt: “Het is een goeie, heldere en realistische analyse met een aantal mooie voorbeelden van hoe de industrie al investeert in verduurzaming en besparing, en in ieder geval een enorm duidelijk signaal dat er iets moet gebeuren. U vraagt van de overheid, die ik hier vanmiddag vertegenwoordig, een actieve en faciliterende rol: de overheid moet wat doen. (…) In het najaar gaan we de agenda opstellen: wat kunnen we nu al doen, wat zit op wat langere termijn aan te komen, welke puzzel hebben we nog niet opgelost. En dan komt er als het goed is naast een actieagenda ook een agenda met een aantal onderwerpen waarover we nog eens goed moeten doorpraten. Die gesprekken zullen verder moeten gaan dan de kortere termijn. (…) Wil je door naar 80 of 90% reductie, als het geen 95% moet zijn in 2050: dat is enorme opgave voor de periode na 2030. (…) Dat zijn onderwerpen waar u en ik de komende maanden en jaren aan gaan werken, over gaan denken en over gaan praten.

Tenslotte vond, onder leiding van dagvoorzitter Roelof Hemmen, een dynamische discussie plaats tussen de heren Hans de Boer (voorzitter VNO-NCW), Tjerk Wagenaar (directeur Stichting Natuur en Milieu), Arnd Thomas (VP operations Benelux Dow Chemical Company), Hendrik Muilerman (managing director BP), Knut Schwalenberg (AkzoNobel Nederland) en Mark Dierikx (DG Energie, telecom en mededinging EZ). De verschillende belangen werden belicht, maar er werd ook gezamenlijkheid gevonden in het plan van VEMW en haar leden. Wagenaar (Natuur en Milieu) noemde het paper “een goed onderbouwd plan” en zei hoopvol te zijn over het feit dat de sector “in beweging is gekomen.” Ook De Boer (VNO-NCW) reageerde positief en zei dat het position paper goed aansluit bij het NL Next Level plan, de investeringsagenda die uitgaat van “financieren in plaats van subsidiëren”, van VNO-NCW, MKB-Nederland en LTO-Nederland. Colette Alma-Zeestraten, directeur van de VNCI, werd naar voren geroepen om namens de Nederlandse chemische industrie te zeggen dat het position paper duidelijk maakt dat de industrie wíl, en dat de industrie ook ideeën heeft: “Laten we zo snel mogelijk al die ideeën die er liggen ontsluiten en uiteindelijk daarin slagen.